Noordpolder: het Krekengebied in het Bieslandse bos

noordpolder

Het Krekengebied is een natuurgebied dat ligt aan de noordkant van Pijnacker in het Bieslandse Bos. Het maakt deel uit van de Boswachterij 'De Balij en Bieslandse Bos'. De scheiding tussen deze bossen wordt gevormd door de verbindingsweg tussen Nootdorp en Pijnacker. Aan de westkant van de weg ligt het Bieslandse Bos met daarin het Krekengebied, en aan de oostkant ligt De Balij.

roofvogel

Deze bosgebieden zijn aangelegd in het kader van de Randstadgroenstructuur. Dit heeft als doel om mensen in de Randstad gelegenheid te geven voor recreatie en om meer natuur in de Randstad te krijgen. Ook worden deze gebieden aangelegd door het Rijk om te voorkomen dat steden aan elkaar groeien door woningbouw of de vestiging van industrie en glastuinbouw. De Boswachterij is aangelegd door de Dienst Landelijk Gebied en daarna in beheer gegeven bij Staatsbosbeheer. Het gebied is nog relatief jong; het is pas halverwege de jaren tachtig ingericht. Toen zijn ondiepe waterpartijen gegraven met flauwe oevers. Bij de aanleg is een klein deel van het gebied ingeplant met bomen en struiken. In het Krekengebied zijn daarvoor boom- en struiksoorten gebruikt die bij natte omstandigheden horen, zoals wilg, els en es. Door spontane vestiging van bomen en struiken is het gebied uitgegroeid tot een bosrijk gebied met open ruimtes. Het Krekengebied is een bijzonder stukje binnen het Bieslandse Bos.

grazen

Het natte, halfopen karakter van dit deel maakt dat het gebied een natuurlijke schakel vormt tussen het grasland en het bos. De natuurwaarden zijn er door de aanwezigheid van verschillende terreintypen veel hoger dan in de omgeving. Er is niet alleen open water en bos, maar ook alle stadia daartussen komen voor, met name rietruigte en struweel.

paarden

Een groot deel van het gebied wordt begraasd door Galloway-koeien of soms andere runderen, IJslandse paarden en Soay-schapen. Door de begrazing heeft de vegetatie een fraaie, natuurlijke structuur. De vegetatie bestaat voornamelijk uit wilgen, eiken, essen en elzen en heeft een ondergroei van vooral vlier, sleedoorn, roos en hazelaar. De moeras- en ruigtevegetatie blijft zich positief ontwikkelen met soorten als Kattestaart, Moeras-vergeet-mij-nietje, Koekoeksbloem, Wilgenroosje en Lisdodde.

vogel

Zowel moeras-, weide- als bosvogels vinden er een geschikt broedgebied. In 2000 werden volgens inventarisaties door Vogelwacht Delft e.o. van 43 vogelsoorten broedgevallen vastgesteld. Opvallende soorten zijn daarbij Krakeend, Tafeleend, Zomertaling, Spotvogel, Rietzanger en Grasmus. De begrazing werkt als een blijvende vernieuwingskuur, hetgeen resulteert in een meer permanente vestiging van 'pionierssoorten' als de Bosrietzanger, Fitis, Tuinfluiter en Blauwborst.

smient

Ook weidevogels als de Grutto, Kievit, Tureluur, Scholekster en Zomertaling houden als broedvogel stand, en dit zonder dat de ontwikkeling van het bos stopt, zoals blijkt uit de vestiging van de Roodborst en de Vlaamse gaai. Beroemd is het Krekengebied om de Lepelaars. In de zomer zijn er bijna altijd wel foeragerende Lepelaars te zien in het ondiepe water. Het komt regelmatig voor dat jonge Lepelaars in het Krekengebied 'geparkeerd worden', terwijl de oudervogels in de directe omgeving, bijvoorbeeld in de Bieslandse Polder ten noorden van het gebied, voedsel zoeken. Deze jongen zijn geboren in de kolonie in het Quakjeswater op Voorne, de grootste kolonie van Nederland. Zodra ze kunnen vliegen, gaan ze naar geschikte voedselgebieden zoals het Krekengebied. In de winter verblijven zeer veel watervogels in het gebied. Vooral Smienten zijn dan opvallend aanwezig met hun fluitende geluid. Verder zijn Wintertalingen, Tafeleenden, Krakeenden en Pijlstaarten te zien.

gemaaltje

Aan de rand van het Krekengebied komt u nog een stukje cultuurhistorie tegen in de vorm van “het Gemaaltje”. Op de plaats van dit gemaal stond vroeger een windmolen die op oude kaarten vermeld staat als “'t Wipje". De molen werd gebouwd in 1874 en is helaas in 1925 afgebrand. De molen was nodig voor de droogmaking van een klein deel van de Noordpolder van Delfgauw, ook wel Bieslandse Benedenpolder genaamd. Deze polder was eerst een verveningsgebied en kreeg na droogmaking een agrarische bestemming. De ernaast gelegen polder Biesland was al rond 1860 drooggemaakt. Na de brand in 1925 heeft het Hoogheemraadschap Delfland het door een dieselmotor aangedreven gemaal gebouwd. Het gemaal is thans niet meer in gebruik, de polder wordt bemalen door de "afgeknotte molen" aan de Noordeindseweg te Delfgauw. In 1994 heeft de Gemeente Pijnacker-Nootdorp dit Putgemaal voor het symbolische bedrag van één gulden gekocht van het Hoogheemraadschap Delfland. Na een opknapbeurt is het beheer van het karakteristieke gebouwtje vervolgens overgedragen aan de Vereniging voor Natuur- en Milieubescherming Pijnacker. Wij hebben het gebouw, de watergang en omgeving vervolgens zodanig ingericht dat flora en fauna hier een kans krijgen. De kelder is geschikt gemaakt als slaapplaats voor vleermuizen. Het is er donker en vochtig en er heerst een constante temperatuur. Op de zolder van het gebouw kunnen vleermuizen 's zomers verblijven. Ze rusten overdag en jagen in de schemering en 's nachts in de omgeving. De “brievenbus” die in het raam aan de zijkant zichtbaar is, dient als invliegopening. In de bomen rond het gemaal nestelen steenuiltjes en torenvalken. Op de ruige begroeiing komen veel vlinders af.

vogel

Het Krekengebied wordt doorsneden door verschillende wandelpaden en is dus erg goed toegankelijk. Vele wandelaars genieten van dit stukje natuur. De vele menselijke bezoekers lijken de vogels weinig te deren. Er zijn maar weinig plaatsen waar Smienten, Lepelaars, Slobeenden, Zomertalingen en vele andere soorten vogels zich zo goed laten bekijken als hier. Er zijn drie toegangen tot het gebied: één aan de Noordkade, net voorbij de volkstuinen aan de Sportlaan (bij het informatiebord van Staatsbosbeheer), één aan het Virulypad, het fietspad naar de Delftse Hout en één bij de parkeerplaats van Staatsbosbeheer aan de Noordeindseweg, nabij Camping Uijlenburg. Fietsen is niet toegestaan in het gebied, maar een rondwandeling is van harte aan te bevelen.

Beheerder Staatsbosbeheer houdt regelmatig excursies in het gebied. Houdt u hiervoor de plaatselijke kranten in de gaten of bel met Staatsbosbeheer: 030 - 602 86 02.

(Dit artikel is geschreven met behulp van de inventarisatierapporten 'De vogels van Delft en omgeving' van 1999 en 2000 van Vogelwacht Delft e.o., en de folder 'Boswachterijen De Balij en Bieslandse Bos' van DLG, Provincie Zuid-Holland en Staatsbosbeheer).

klik hier om terug te keren