Ruyven-Noord: Commentaar op inrichtingsrapport

NMP-bestuursleden Gerard de Hoog en Cees Kerkhof hebben deelgenomen overleggen over een nieuwe recreatieve inrichting van het gebied Ruyven-Noord. Dit is het gebied ingeklemd tussen de A13 aan de westkant en de Zuideindseweg aan de oostkant, het industriegebied Ruyven in Delfgauw aan de noordkant en de Ackerdijkse Plassen aan de zuidkant.
Er is nu een rapport verschenen met daarin  3 scenario’s:

Variant nul: Niets doen. In deze variant worden er geen verdere investeringen gedaan in het gebied behalve enkele investeringen in de recreatieve verbindingen.

Variant 1: Ontwikkeling bestaand recreatiegebied en realisatie van de ontsluiting. In deze variant zal worden gezocht naar een ondernemer die zich, onder voorwaarden, in het bestaande recreatiegebied mag vestigen om een recreatieve voorziening te exploiteren. Hierdoor zullen zich meer recreanten naar het gebied gaan begeven. Om de plek zo interessant mogelijk te maken zal een extra investering in de bereikbaarheid voor auto’s nodig zijn via het bedrijventerrein Ruyven.

Variant 2: Ontwikkeling van het hele gebied van Ruyven Noord tot aan het bedrijventerrein Ruyven. In deze variant wordt, zoals de nota wat cryptisch stelt, middels een uitnodiging voor een recreatieve ondernemer in het bestaande recreatiegebied, de aanleg van een auto ontsluiting via het bedrijventerrein Ruyven en door de ontwikkeling van de particuliere gronden tussen het bestaande recreatiegebied en het bedrijventerrein (deze zijn in eigendom van projectontwikkelaar van Erk) de visie vormgegeven.

Als NMP zijn we enigszins verbaasd, een verbazing die we delen met de bewonersverenigingen van Oude Leede en Delfgauw, over de mate waarin de beschrijving van scenario 2 in rapport afwijkt van het beeld waarover we consensus meenden te hebben bereikt. De gehanteerde beschrijving lijkt ruimte te bieden voor zaken die wat ons betreft echt niet in het gebied passen.
Maar dat betekent voor NMP niet dat we pertinent tegen scenario 2 zijn. De crux zit wat ons betreft in de criteria die gehanteerd gaan worden voor wat er wel en niet ontwikkeld zou mogen worden op het terrein van projectontwikkelaar van Erk.

Als er, zoals in scenario 1, niets gebeurt op het terrein van van Erk dan blijft dit noordelijkste deel weliswaar open en groen maar –wat NMP betreft– tegelijkertijd ook van weinig ecologische en landschappelijke waarde. Een alternatieve, volledig groene ontwikkeling van dat gebied lijkt uitgesloten omdat de gemeente het niet kan doen en het van Erk geld kost voor de inrichting zonder dat daar inkomsten tegenover staan, terwijl deze projectontwikkelaar tegelijkertijd de waarde van zijn bezit dan grotendeels moet afschrijven. Tegen ontwikkeling op dat gebied van horecavoorzieningen of een kleinschalig park met vakantiewoningen, zoals genoemd in de nota, hebben we als NMP geen principiële bezwaren, mits deze voldoende ruim worden opgezet en goed ingebed in groen. Ook voorzieningen met vergaderfaciliteiten zoals bij het Art Centre Delft of de Uylenburgh zouden prima kunnen passen. We kunnen ons voorstellen dat een dergelijke ontwikkeling de kans ook groter maakt dat de beoogde recreatieve voorzieningen langdurig rendabel geëxploiteerd kunnen worden, dan het geval is binnen de zeer beperkte mogelijkheden in scenario 1.

Waar we wel principiële bezwaren tegen hebben, zijn allerlei vormen van gebouwen voor inpandige recreatie (denk aan een sporthal, indoor paintball of lasergamen, e.d.). Van zinnen in de nota als “Langs de A 13 en langs het bedrijventerrein aan de westkant is er wel iets mogelijk dat een flinke bebouwing met zich meebrengt” worden we niet blij. Alles wat binnen in een schuur kan, kan ook op een industrieterrein en hoeft dus niet in een groen gebied plaats te vinden! De recreatieve faciliteiten moeten wat ons betreft niet alleen passen bij een groen gebied maar er liefst ook iets mee van doen hebben en er als het kan ook iets met ecologische of landschappelijke waarde aan toevoegen.

We hebben naar de gemeente (wethouder van Staalduine) deze overwegingen uiteengezet en hebben we hem gevraagd om, ongeacht het gekozen scenario maar zeker indien scenario 2 wordt gekozen, voor de aanbesteding voor het vinden van een recreatief ondernemer te komen met veel scherpere criteria voor de activiteiten die in het gebied ontplooid mogen worden en veel duidelijker aan te geven wat er vooral niet kan.